H1 · sectie 3

Balans en resultatenrekening samen

Hoe de twee rekeningen aan elkaar hangen en hoe winst op de balans terechtkomt.

1. Twee rekeningen, één onderneming

In de vorige secties heb je twee aparte overzichten gezien. De balans toont op één dag wat de onderneming bezit en hoe ze dat financiert. De resultatenrekening toont over een hele periode wat ze verdiend en uitgegeven heeft. Beide horen bij dezelfde zaak en hangen aan elkaar.

2. Winst gaat naar het eigen vermogen

Wat als de zaak winst maakt? Die winst blijft niet zomaar zweven, hij moet ergens op de balans terechtkomen. De afspraak is duidelijk: winst verhoogt het eigen vermogen, verlies verlaagt het.

Bekijk het zo: als de zaak meer verdient dan ze uitgeeft, is er aan het eind van het jaar meer waard in de zaak dan aan het begin. Dat surplus hoort niet bij de leveranciers (die zijn al betaald) en niet bij de bank (die krijgt alleen haar lening terug). Het hoort bij de eigenaar. Dus telt het op bij het eigen vermogen.

3. Een verrichting raakt vaak allebei

Eén verrichting kan tegelijk op de balans en op de resultatenrekening verschijnen. Voorbeeld: je betaalt 500 euro elektriciteit met de bank.

  • Op de balans: de rekening Bank daalt met 500 euro (actiefzijde gaat omlaag).
  • Op de resultatenrekening: er komt 500 euro kosten bij (Elektriciteit).

Twee gevolgen voor één betaling. Dat is precies waar de naam dubbel boekhouden vandaan komt: elke verrichting wordt op twee plaatsen geregistreerd.

4. Oefening

Test jezelf

Test je inzicht

0 / 4

    Klik een antwoord aan. Je krijgt meteen feedback.